KB inzake de plaatsing en de algemene uitvoeringsregels van concessies voor diensten en werken gepubliceerd

Vandaag, op 29 juni 2017, is het KB van 25 juni 2017 betreffende de plaatsing en de algemene uitvoeringsregels van de concessieovereenkomsten gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Dit Koninklijk Besluit bevat de regels inzake de plaatsing van concessies voor werken en diensten, alsook de algemene uitvoeringsregels omtrent dergelijke concessieovereenkomsten en regelt ook de inwerkingtreding van de nieuwe concessiewet van 17 juni 2016. De tekst van het KB vindt u hier.

Dit KB betreft het laatste wapenfeit in de race van de wetgever om alle nodige uitvoeringsbesluiten vast te stellen en te publiceren opdat de nieuwe regelgeving inzake overheidscontracten (overheidsopdrachten én concessies voor werken en diensten) op 30 juni 2017 in werking zou kunnen treden. Amper een dag na de publicatie zal dit KB reeds morgen, op 30 juni 2017, in werking treden. Op grond van dit KB zullen alle concessies voor werken en diensten aangekondigd vanaf 30 juni 2017 of waarvoor vanaf die datum een uitnodiging tot indiening van een offerte of een aanvraag tot deelneming is verstuurd onderworpen zijn aan de concessiewet van 17 juni 2016.

Prof. Dr. Mr. Steven Van Garsse

Mr. Simon Verhoeven

Voor meer info omtrent de nieuwe regelgeving inzake concessieovereenkomsten:

steven.vangarsse@eqtr.be

simon.verhoeven@eqtr.be    

Laatste spurt voor inwerkingtreding nieuwe regelgeving overheidsopdrachten is genomen: Koninklijk Besluit tot wijziging van de Algemene Uitvoeringsregels Overheidsopdrachten (AUR) gepubliceerd

Vandaag, op 27 juni 2017, is het KB van 22 juni 2016 tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en van de concessies voor openbare werken en tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van de wet van 16 februari 2017 tot wijziging van de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. De tekst van dit KB vindt u hier. Dit Koninklijk Besluit brengt verschillende inhoudelijke en formele wijzigingen aan de Algemene Uitvoeringsregels Overheidsopdrachten (de “AUR”; het KB van 14 januari 2013”) naar aanleiding van de nieuwe wet overheidsopdrachten van 17 juni 2016 (nieuwe regels inzake het leerstuk van de “wijziging van de opdracht”, onder meer naar aanleiding van de Pressetext-rechtspraak; nieuwe regels inzake de strijd tegen sociale dumping, etc.). Tevens voorziet dit KB wanneer de wet van 16 februari 2017 tot wijziging van de wet rechtsbescherming overheidsopdrachten van 17 juni 2013 (wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten) in werking treedt, namelijk 30 juni 2017.

Dit KB samen met het geheel aan nieuwe wetgeving overheidsopdrachten, zijnde:

  • Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten
  • Wet van 16 februari 2017 tot wijziging van de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten
  • KB van 18 april 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de klassieke sectoren
  • KB van 18 juni 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de speciale sectoren
  • KB van 22 juni 2016 tot wijziging van het koninklijk besluit van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en van de concessies voor openbare werken en tot bepaling van de datum van inwerkingtreding van de wet van 16 februari 2017 tot wijziging van de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten

treedt in werking op 30 juni 2017. Net op de valreep is dus het laatste KB dat noodzakelijk is voor de inwerkingtreding van de nieuwe regelgeving overheidsopdrachten gepubliceerd. Vanaf 30 juni 2017 moeten alle opdrachten die worden aangekondigd of waarvoor een uitnodiging tot indiening van een offerte of een aanvraag tot deelneming is ingediend deze nieuwe regels respecteren.

Prof. Dr. Mr. Steven Van Garsse

Mr. Simon Verhoeven

Voor meer info omtrent de nieuwe regelgeving overheidsopdrachten:

steven.vangarsse@eqtr.be

simon.verhoeven@eqtr.be

Nieuw KB plaatsing overheidsopdrachten speciale sectoren gepubliceerd

Vandaag, op 23 juni 2017, is het KB van 18 juni 2017 plaatsing overheidsopdrachten in de speciale sectoren, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Dit KB zal het KB van 16 juli 2012 plaatsing overheidsopdrachten speciale sectoren vervangen (vanaf 30 juni 2017). Het startschot voor de laatste etappe voor de inwerkingtreding van de nieuwe regelgeving overheidsopdrachten (wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten) op 30 juni 2017 is hiermee gegeven. De publicatie van het KB tot wijziging van de AUR (KB van 14 januari 2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en van de concessies voor openbare werken) zal allicht snel volgen. Het KB vindt u hier

Wordt vervolgd.

Antwerpen-Brussel, 23 juni 2016

Prof. Dr. Mr. Steven Van Garsse

Mr. Simon Verhoeven

Wet verplichte verzekering van de tienjarige aansprakelijkheid van aannemers, architecten en andere dienstverleners in de bouwsector van werken in onroerende staat

Op 9 juni 2017 is de wet betreffende de verplichte verzekering van de tienjarige burgerlijke aansprakelijkheid van aannemers, architecten en andere dienstverleners in de bouwsector van werken in onroerende staat en tot wijziging van de wet van 20 februari 1939 op de bescherming van de titel en van het beroep van architect van 31 mei 2017, in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd.

Deze wet heeft tot gevolg dat vanaf 1 juli 2018 niet enkel de architect wettelijk verplicht zal zijn om tot het afsluiten van een beroepsaansprakelijkheidsverzekering over te gaan, maar dienen vanaf dan elke aannemer en andere dienstverleners in de bouwsector (landmeters, studiebureaus,..) zich te verzekeren voor hun tienjarige aansprakelijkheid.

Voormelde wet zal in werking treden op 1 juli 2018, met uitzondering van de regels met betrekking tot het tariferingsbureau die al op 1 december 2017 in werking zullen treden.

U treft de tekst van de wet hier.

*** Antwerpen 9 juni 2017 ***

Voor meer info omtrent deze bijdrage, alsook voor vragen omtrent de nieuwe wetgeving kan u terecht bij Equator Advocaten:

Joris LAGEY:                                        joris.lagey@eqtr.be

Evelien BRUYNINCKX:                     evelien.bruyninckx@eqtr.be

Nationaal register en deontologische code voor gerechtsdeskundigen

Vandaag, op 31 mei 2017, is in het Belgisch Staatsblad de wet van 19 april 2017 tot wijziging van het Wetboek van Strafvordering, het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 10 april 2014 tot wijziging van verschillende bepalingen met het oog op de oprichting van een nationaal register voor gerechtsdeskundigen en tot oprichting van een nationaal register van beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken en het KB van 25 april 2017 tot vaststelling van de deontologische code van de gerechtsdeskundigen in toepassing van artikel 991quater, 7°, van het Gerechtelijk Wetboek  gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. De tekst van deze wet en het KB inzake de deontologische code vindt u hier: KB en wet .

Overheidsopdrachten en kartels: opletten geblazen

De Belgische Mededingingsautoriteit (BMA) kondigde in haar lijst van prioriteiten voor 2017 aan belangrijke aandacht te zullen besteden aan de bestrijding van kartelvorming bij overheidsopdrachten. Overheidsopdrachten hebben immers een uitzonderlijk groot economisch belang (ongeveer 50 miljard euro of nog ongeveer 10 à 15% van het BNP) en zijn volgens de BMA uiterst gevoelig voor het ontstaan van kartelafspraken.

Een kartel is algemeen omschreven een overeenkomst of onderling afgestemde feitelijke gedraging tussen twee of meer concurrerende ondernemingen en/of ondernemingsverenigingen – en desgevallend met één of meer andere niet-concurrerende ondernemingen en/of ondernemingsverenigingen – met als doel hun concurrentiegedrag op de markt te coördineren of de relevante parameters van mededinging te beïnvloeden via praktijken zoals onder meer, doch niet uitsluitend, het bepalen of coördineren van aan- of verkoopprijzen of andere contractuele voorwaarden, onder meer met betrekking tot intellectuele-eigendomsrechten, de toewijzing van productie- of verkoopquota, de verdeling van markten en klanten, met inbegrip van onder meer offertevervalsing en mededingingsverstorende maatregelen tegen andere concurrenten.

Hoewel verboden komen kartels niet zelden voor bij overheidsopdrachten onder de vorm van ‘bidrigging’. Zo wordt bij aanbestedingen soms gewerkt met schijnbiedingen door bepaalde firma’s ten voordele van andere deelnemende bedrijven, onderlinge afspraken om niet te bieden, rotatiesystemen waarbij wordt afgesproken wie wanneer welke opdracht mag winnen en afspraken om de markt onderling (bijvoorbeeld geografisch) te verdelen.

Een concrete toepassing is recent te vinden in een beslissing van 2 mei 2017 van het auditoraat van de BMA. Die sanctioneerde middels een schikking een kartel tussen vijf ondernemingen in het kader van een overheidsopdracht georganiseerd door Infrabel en legde boetes op ten bedrage van 1 779 000 euro. In casu was vastgesteld dat ABB NV, Siemens NV, AEG Belgium NV, Schneider Electric Energy Belgium NV en Sécheron SA waren overeengekomen om in het kader van een raamovereenkomst van Infrabel de Requests for Quotations (RFQ) onder elkaar te verdelen. Concreet hadden de bedrijven de ingediende prijsopgaven zo berekend dat de RFQ telkens werd binnengehaald door het bedrijf dat zij eerder hadden aangewezen.

Zowel het Europese als het nationale recht (meerbepaald het Wetboek Economisch recht) tillen bijzonder zwaar aan kartelinbreuken. Zo kan de Belgische Mededingingsautoriteit of de Europese Commissie de betrokken ondernemingen een geldboete opleggen tot 10 % van hun omzet en dit voor elke onderneming betrokken in het kartel. Natuurlijke personen die een inbreuk begaan op artikel IV.1, §4 van het Wetboek Economisch recht kunnen een boete opgelegd krijgen van 100 tot 10.000 euro.

Prof dr Steven Van Garsse, partner Equator Advocaten Brussel-Antwerpen

 

Rechtsbeschermingswet inzake overheidsopdrachten (en thans ook concessies) gewijzigd

Op 17 maart 2017 is in het Belgisch Staatsblad de wet van 16 februari 2017 tot wijziging van de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten (hierna afgekort “Wijzigingswet”) gepubliceerd (de volledige tekst kan u hier downloaden).

Het juridisch kader betreffende rechtsbescherming inzake overheidsopdrachten, namelijk de wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten (hierna afgekort “Rechtsbeschermingswet”) [1] dient te worden aangepast naar aanleiding van de algemene hervorming van de overheidsopdrachtenreglementering (namelijk ingevolge de implementatie van de Europese Richtlijnen 2014/23/EU [2], 2014/24/EU [3] en 2014/25/EU [4] en bijgevolg de afschaffing van de huidige Overheidsopdrachtenwet van 15 juni 2006 [5] en de vervanging door de reeds gepubliceerde nieuwe Overheidsopdrachtenwet van 17 juni 2016 [6], alsook door afkondiging de Concessiewet van 17 juni 2016 [7]). Tevens heeft de wetgever van deze hervormingsoefening gebruik gemaakt om het rechtsbeschermingskader inzake overheidsopdrachten aan te passen en af te stemmen met de hervorming van de Raad van State en algemene procedureregels daaromtrent (ingevolge de wet van 20 januari 2014 houdende hervorming van de bevoegdheid, de procedureregeling en de organisatie van de Raad van State (hierna afgekort “Hervormingswet Raad van State” [8]).

De belangrijkste  krachtlijnen van de wijzigingen aan het rechtsbeschermingskader inzake overheidsopdrachten ingevolge de Wijzigingswet zijn de volgende:

  • Het toepassingsgebied van de Rechtsbeschermingswet wordt uitgebreid tot concessies voor diensten en voor werken (naar aanleiding van de Concessiewet van 17 juni 2016)
  • Alle aanbestedende instanties (zowel de administratieve overheden in de zin van art. 14 van de Raad van State-wet [9] als de andere instanties) dienen in de mededeling van de beslissing de beroepsmogelijkheden te vermelden (onder verwijzing naar de relevante artikelen) naar analogie van artikel 19, laatste lid Raad van State-wet. Bij gebrek daaraan wordt de verhaaltermijn om een vordering tot nietigverklaring in te dienen verlengd met 4 maanden
  • De datum van de gemotiveerde beslissing dient vermelde te worden in de beslissing zelf
  • De aanbestedende instantie dient de inschrijvers die een regelmatige offerte hebben ingediend op de hoogte te houden betreffende het verloop en de voortgang van de onderhandelingen of de dialoog ingeval van een onderhandelingsprocedure of een concurrentiegerichte dialoog indien de inschrijvers daarom verzoeken
  • Uniformisering van de regels inzake informatie: de mededelingsregels voor de gunningsbeslissing worden toepasselijk gemaakt voor de mededeling van de selectiebeslissing en de beslissing om een opdracht niet te plaatsen
  • De wachttermijn (standstill) en verhaaltermijn nemen voortaan op hetzelfde ogenblik een aanvang, namelijk niet eerder dan dat de (integrale) gemotiveerde beslissing is overgemaakt en de laatste vereiste kennisgeving van de beslissing (ingeval een dubbele kennisgeving vereist is) is gebeurd
  • De bevestiging dat voor de Raad van State een schadevergoeding tot herstel kan worden gevorderd van een aanbestedende instantie die een administratieve overheid, zoals in het algemeen reeds was voorzien naar aanleiding van de wet van 20 januari 2014
  • Verscheidene terminologische aanpassingen naar aanleiding van de Overheidsopdrachtenwet en Concessiewet van 17 juni 2016

De wijzigingen aan de Rechtsbeschermingswet naar aanleiding van de Wijzigingswet zullen, als onderdeel van de algehele hervorming van het overheidscontractenrecht, gezamenlijk met de Overheidsopdrachtenwet en Concessiewet van 17 juni 2016 in werking treden op een nog door de Koning te bepalen datum. [10]

***** Antwerpen/Brussel, 6 april 2017*****

Prof. Dr. Steven Van Garsse                                                         Mr. Simon Verhoeven

Voor meer info omtrent deze bijdrage, alsook voor vragen omtrent de Raad van State en procedures inzake overheidsopdrachten en -contracten kan u terecht bij Equator Advocaten:

Steven Van Garsse:                  steven.vangarsse@eqtr.be

Simon Verhoeven:                     simon.verhoeven@eqtr.be

****

[1] BS 21 juni 2013.

[2] Rl. 2014/23/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van concessieovereenkomsten, Publ. L. 28 maart 2014, afl. 94, 1.

[3] Rl. 2014/24/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014 betreffende het plaatsen van overheidsopdrachten en de intrekking van Richtlijn 2004/18/EG, Publ. L 28 maart 2014, afl. 94, 65.

[4] Rl. 2014/25/EU van het Europees Parlement en de Raad van 26 februari 2014, Publ. L. 28 maart 2014, afl. 94, 243.

[5] Wet van 15 juni 2006 betreffende de overheidsopdrachten en bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten, BS 15 februari 2007.

[6] Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, BS 14 juli 2016.

[7] Wet van 17 juni 2016 betreffende de concessieovereenkomsten, BS 14 juli 2016.

[8] BS 3 februari 2014.

[9] Gecoördineerde wetten op de Raad van State van 12 januari 1963.

[10] Art. 63 Wijzigingswet.